Tijd heeft een stille manier van zorgen voor onze wonden. Niet door ze uit te wissen, niet door te doen alsof ze er nooit zijn geweest, maar door hun scherpe randen langzaam te verzachten. Wat overblijft zijn de littekens. Niet als iets gebroken, maar als iets dat gedragen wordt.
Elk litteken draagt een verhaal in zich, van pijn ja, maar ook van doorzetten, van keuzes gemaakt in moeilijke momenten, van de weg terugvinden wanneer het pad niet duidelijk was. Sommige littekens doen nog pijn als je ze aanraakt. Andere zijn zo vergroeid met wie je bent dat je ze nauwelijks nog opmerkt, en toch zitten ze diep verweven in alles wat je bent.
En misschien is dat wel de kern van het geheel. Het ging nooit om de wond, en eigenlijk ook niet om het litteken. Het gaat erom hoe je het hebt doorleefd, hoe je weer opstond. Hoe je het je liet vormen, zonder het je te laten definiëren. Littekens vragen niet om perfectie, ze vragen om aanvaarding. En in die aanvaarding schuilt die stille, blijvende kracht.









Geef een reactie